ECLI:NL:RBBRE:2006:AZ7137
Rechtbank Breda
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vervangingsreserve bij verkoop assurantieportefeuille en opgewekt vertrouwen
Belanghebbende, assurantietussenpersoon, verkocht zijn assurantieportefeuille en wilde een vervangingsreserve vormen op basis van een toezegging van de inspecteur. De toezegging was gebaseerd op onjuiste informatie van belanghebbende, die stelde dat hij de portefeuille kon terugkopen en gedurende de periode bij de koper alleen voor zijn portefeuille zou werken.
De rechtbank stelde vast dat er geen terugkooprecht bestond en dat belanghebbende niet uitsluitend voor zijn portefeuille werkte. Hierdoor was de toezegging niet bindend en mocht geen vervangingsreserve worden gevormd. Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd daarom verworpen.
Wel werd het beroep gegrond verklaard vanwege een onjuiste tariefgroepindeling in de aangifte, die ambtshalve door de inspecteur was gecorrigeerd. De aanslag werd verminderd en het griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
De rechtbank wees proceskostenveroordeling af omdat het beroep alleen gegrond was op de tariefcorrectie, die voortkwam uit eigen handelen van belanghebbende. Het geschil draaide primair om de vraag of de toezegging van de inspecteur bindend was, wat werd ontkennend beantwoord.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard vanwege tariefcorrectie, maar afgewezen voor het vormen van een vervangingsreserve wegens onjuiste informatie.