ECLI:NL:RBARN:2011:BQ5216
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M.W. van de Sande
- M.C.G.J. van Well
- N. Djebali
- Rechtspraak.nl
Rechtbank Arnhem vernietigt bezwaar niet-ontvankelijkheid en herstelt aanslagen inkomstenbelasting 2006 en 2007
De rechtbank Arnhem behandelde het beroep van eiser tegen ambtshalve opgelegde aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over de jaren 2005, 2006 en 2007. Verweerder had de bezwaren over 2005 en 2007 niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding, maar de rechtbank oordeelde dat het bezwaar over 2007 ten onrechte niet-ontvankelijk was verklaard en besloot de zaak inhoudelijk te behandelen.
Uit het onderzoek bleek dat eiser niet voldeed aan zijn administratieplicht zoals voorgeschreven in artikel 52 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR). De door eiser overgelegde jaarrekeningen werden door verweerder betwijfeld vanwege onduidelijkheden en ongerijmdheden, en de rechtbank vond dat eiser niet overtuigend had aangetoond dat de aanslagen onjuist waren. De rechtbank paste daarom artikel 27e AWR toe, wat inhoudt dat eiser de onjuistheid van de aanslagen moet bewijzen.
De rechtbank verklaarde het beroep over 2005 ongegrond wegens termijnoverschrijding. Voor 2006 stelde zij de aanslag vast op een belastbaar inkomen van €227.220 na correcties, en voor 2007 verklaarde zij het beroep gegrond en handhaafde de aanslag na ambtshalve vermindering. De beschikking heffingsrente werd dienovereenkomstig aangepast. De opgelegde verzuimboetes werden gehandhaafd omdat eiser geen gemotiveerde bezwaren had aangevoerd.
De uitspraak werd gedaan door drie rechters en griffier en is openbaar uitgesproken op 19 mei 2011. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: Bezwaar over 2005 niet-ontvankelijk verklaard, bezwaar over 2006 en 2007 gegrond verklaard met aanpassing van aanslagen en heffingsrente.