ECLI:NL:RBARN:2009:BK6178
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van artikel 43a WAO wegens ontbreken toename beperkingen
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om haar geen arbeidsongeschiktheidsuitkering toe te kennen op grond van artikel 43a van de WAO met ingang van 21 februari 2005. De rechtbank stelt vast dat verweerder bij het besluit op bezwaar van 23 mei 2007 verzuimd heeft tijdig te beslissen, maar dat de besluiten van 23 mei 2007, 4 juli 2008 en 29 november 2008 als één geheel moeten worden beschouwd.
De kern van het geschil betreft de vraag of de psychische beperkingen van eiseres zijn toegenomen ten opzichte van de eerdere periode waarin zij een WAO-uitkering ontving tot 12 oktober 2004. Volgens vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep is toekenning op grond van artikel 43a WAO alleen mogelijk bij een toename van de medische beperkingen die ten grondslag lagen aan de eerdere uitkering.
De rechtbank acht het medisch onderzoek zorgvuldig uitgevoerd. De verzekeringsartsen hebben de medische gegevens, waaronder rapporten van een klinisch psycholoog en eerdere medische stukken, betrokken en geen aanwijzingen gevonden voor een toename van de beperkingen per 21 februari 2005. Het feit dat eiseres een Ziektewet-uitkering ontving vanaf 24 januari 2005 tot 22 januari 2007 doet hieraan niet af. De rechtbank concludeert dat verweerder terecht de WAO-uitkering heeft geweigerd en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat eiseres geen recht heeft op een WAO-uitkering per 21 februari 2005 wegens het ontbreken van een toename van beperkingen.