ECLI:NL:RBAMS:2025:6637
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering na bedrijfsongeval wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Eiser, een magazijnmedewerker, vroeg een WIA-uitkering aan na een bedrijfsongeval waarbij hij zich in juni 2021 ziek meldde. Het UWV wees de aanvraag af per 28 juni 2023, omdat eiser minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. De rechtbank toetste of het medisch onderzoek zorgvuldig was en of de beperkingen juist waren vastgesteld.
De rechtbank concludeerde dat de verzekeringsarts eiser adequaat had onderzocht en dat er geen noodzaak was voor aanvullend onderzoek. De medische stukken die eiser overlegde, betroffen oudere gegevens en gaven geen aanleiding tot een ander oordeel. Ook de arbeidskundige beoordeling was zorgvuldig en de geselecteerde functies waren passend binnen de belastbaarheid van eiser.
Eiser voerde aan dat hij de Nederlandse taal onvoldoende beheerst en geen rijbewijs heeft, maar de rechtbank oordeelde dat taalvaardigheid binnen zes maanden kan worden aangeleerd en dat het openbaar vervoer een redelijke vervoersmogelijkheid biedt. Ook de stellingen over schending van het zorgvuldigheids- en evenredigheidsbeginsel werden verworpen. Het beroep werd ongegrond verklaard, met afwijzing van griffierecht en proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.