ECLI:NL:RBAMS:2019:3200
Rechtbank Amsterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechters wegens vermeende vooringenomenheid in kroongetuigeprocedure
Verzoeker, verdachte in drie strafzaken, diende een wrakingsverzoek in tegen de leden van de meervoudige strafkamer wegens vermeende vooringenomenheid. Dit volgde op de afwijzing van zijn verzoek om de kroongetuige bij de rechter-commissaris te horen, waarbij de rechtbank oordeelde dat het OM eerst het contract met de kroongetuige aan het dossier moest toevoegen.
De wrakingskamer behandelde het verzoek en concludeerde dat wraking niet kan worden ingezet als verkapt rechtsmiddel tegen een rechterlijke beslissing. De motivering van de strafkamer was voldoende en er was geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid of vooringenomenheid van de rechters.
De rechtbank benadrukte dat de beslissing niet uitsluitend gebaseerd was op de verklaringen van de kroongetuige, maar ook op andere bewijsmiddelen zoals PGP-berichten. Het verzoek werd afgewezen, en tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters wordt afgewezen wegens het ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.