Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 augustus 2017 in de zaken tussen
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 4 augustus 2017.
Rechtbank Amsterdam
Eisers ontvingen sinds 2011 gezinsbijstand. In mei 2016 werd eiser door een klantmanager werkend gezien bij een fruitkraam op de markt, waarna het college een onderzoek instelde. De handhavingsspecialist trof eiser meerdere keren aan bij de kraam, waar hij werkzaamheden verrichtte zonder dit te melden. Eisers ontkenden de werkzaamheden en betwistten de verklaring van eiser, onder meer vanwege taalproblemen en mogelijke persoonsverwisseling.
De rechtbank oordeelde dat de verklaring van eiser, ondanks taalbezwaren, als bewijs mocht dienen en dat de handhavingsspecialist zich niet had vergist. De aanwezigheid tijdens reguliere uren impliceert het verrichten van arbeid, wat eiser zelf bevestigde. Eisers hadden hun inlichtingenplicht geschonden door dit niet te melden, waardoor het recht op bijstand niet meer kon worden vastgesteld.
Het college was daarom gehouden de uitkering per 1 maart 2016 in te trekken en het teveel ontvangen bedrag van €13.445,58 terug te vorderen. Eisers slaagden er niet in aannemelijk te maken dat zij recht op bijstand hadden over de betwiste periode. De beroepen werden ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De beroepen tegen intrekking en terugvordering van gezinsbijstand worden ongegrond verklaard.