ECLI:NL:RBAMS:2017:267
Rechtbank Amsterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening winteropvang dakloze wegens onvoldoende spoedeisend belang
Verzoeker, een dakloze zonder vaste woon- of verblijfplaats, vroeg om toelating tot de winteropvang in Amsterdam. Na een negatieve screening in september 2016 werd hij als zelfredzaam beoordeeld en kreeg hij geen structurele toegang tot de maatschappelijke opvang. Wel werd hij tijdelijk toegelaten tot de winteropvang tot 28 december 2016.
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit de opvang te beëindigen en vroeg om een voorlopige voorziening. Hij stelde dat hij wel degelijk recht had op opvang vanwege zijn situatie en binding met Amsterdam. Verweerder stelde dat toelating tot de algemene voorziening winteropvang geen besluit is, maar erkende dat het beëindigen van toegang wel als besluit kan gelden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het criterium zelfredzaamheid ook bij algemene voorzieningen zoals winteropvang een rol speelt. De motivering van het besluit was echter onvoldoende toegespitst op de actuele situatie van verzoeker. Desondanks was de feitelijke opvang niet beëindigd en kon verzoeker nog steeds gebruik maken van de voorziening. Hierdoor ontbrak het spoedeisend belang voor een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter wees het verzoek daarom af en gaf aan dat in de bezwaarprocedure een zorgvuldiger onderzoek en motivering vereist is. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tot toelating tot de winteropvang is afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.