Uitspraak
1.Het verdere verloop van de procedure
2.De feiten
3.De verzoeken van partijen
4.De verdere beoordeling
.
Rechtbank Amsterdam
Partijen zijn bijna 25 jaar gehuwd geweest en zijn in mei 2016 gescheiden. De man ontving een ontbindingsvergoeding van €440.000 bruto na beëindiging van zijn dienstverband bij ADP, waarvan de vraag was of deze vergoeding in de huwelijksgemeenschap valt. De rechtbank oordeelt dat deze vergoeding aan de man is verknocht omdat deze strekt tot vervanging van toekomstig inkomen na ontbinding van de gemeenschap.
De rechtbank stelt vast dat de netto betaling van €72.776,09 uit dienstbetrekking en de stockopties van Fidelity wel tot de gemeenschap behoren en verdeeld moeten worden. Verder worden diverse bank- en beleggingsrekeningen, de teruggave van State of Delaware en de beleggingsverzekering Legal & General verdeeld. De echtelijke woning wordt niet in de verdeling betrokken en zal worden verkocht, waarbij de overwaarde of restschuld gelijk wordt verdeeld.
De man blijft tot verkoop van de woning de helft van de hypotheeklasten dragen en de volledige kosten van de meerderjarige kinderen. Het verzoek van de vrouw tot een uitkering tot levensonderhoud wordt afgewezen, hoewel reeds betaalde partneralimentatie niet wordt teruggevorderd. De rechtbank wijst het meer of anders verzochte af en legt de verdeling van de gemeenschap en onderhoudsverplichtingen vast.
Uitkomst: De ontbindingsvergoeding is aan de man verknocht en valt buiten de gemeenschap; overige vermogensbestanddelen worden verdeeld en partneralimentatie wordt afgewezen.