ECLI:NL:RBAMS:2010:BO8910
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- J.A.J. Peeters
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot executie van nakosten zonder voorafgaande begroting in vonnis of bevelschrift
In deze zaak stond de vraag centraal of een partij die beschikt over een vonnis met een proceskostenveroordeling bevoegd is om executie te verrichten voor nakosten die niet vooraf in het vonnis zijn begroot en waarvoor geen bevelschrift is afgegeven op grond van art. 237 lid 4 Rv Pro.
De deurwaarder had bezwaar gemaakt tegen het leggen van beslag voor deze nakosten, stellende dat een executoriale titel ontbreekt zolang de nakosten niet zijn begroot. Forward betoogde dat het arrest van de Hoge Raad van 19 maart 2010 duidelijk maakt dat een proceskostenveroordeling ook een executoriale titel is voor nakosten, tenzij de hoogte daarvan wordt betwist.
De rechtbank volgde de uitleg van de Hoge Raad en oordeelde dat het vonnis als executoriale titel geldt voor nakosten, ook als deze niet vooraf zijn begroot, en dat een bevelschrift pas nodig is als de hoogte van de nakosten wordt betwist. De bezwaren van de deurwaarder werden ongegrond verklaard. Tevens werd bepaald dat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De bezwaren van de deurwaarder tegen executie van nakosten zonder voorafgaande begroting zijn ongegrond verklaard en iedere partij draagt haar eigen kosten.