ECLI:NL:RBALK:2007:BC0130
Rechtbank Alkmaar
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling fictieve opzegtermijn naast ontbindingsvergoeding bij arbeidsovereenkomst
De werknemer trad op 1 juli 2003 in dienst bij Degudent en werd op 1 maart 2007 door de kantonrechter ontslagen met een ontbindingsvergoeding van €53.000. De werknemer vorderde daarnaast betaling van de fictieve opzegtermijn, omdat hij meende dat partijen hierover een afzonderlijke afspraak hadden gemaakt. Degudent voerde verweer en stelde dat deze kwestie in de ontbindingsprocedure aan de orde had moeten komen.
De kantonrechter oordeelde dat de vordering tot betaling van de fictieve opzegtermijn losstaat van de ontbindingsvergoeding en daarom ontvankelijk is. Uit de correspondentie bleek dat Degudent bereid was de fictieve opzegtermijn te vergoeden naast de ontbindingsvergoeding, maar dat hierover onduidelijkheid bestond. Volgens het Haviltex-criterium mocht de werknemer erop vertrouwen dat deze vergoeding zou worden betaald.
Degudent werd veroordeeld tot betaling van een bruto maandsalaris vermeerderd met vakantiegeld en bonus, met wettelijke rente. De wettelijke verhoging en buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen. Degudent werd tevens veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak werd op 12 november 2007 gedaan door kantonrechter Everaerts.
Uitkomst: Degudent wordt veroordeeld tot betaling van de fictieve opzegtermijn naast de ontbindingsvergoeding.