Conclusie
(hierna gezamenlijk: de vliegers)
advocaat: mr. J.P. van den Berg
1.Inleiding en samenvatting
2.Feiten
Voor het geval de belastingdienst zich op het standpunt stelt dat over de gevorderde netto vergoeding(en) loon/inkomstenbelasting en sociale premies verschuldigd zijn, vorderden de vliegers daarnaast veroordeling van KLM tot het afdragen van inkomstenbelasting en sociale premies aan de belastingdienst, met een verbod aan KLM de door haar af te dragen loon/inkomstenbelasting en premies in mindering te brengen op hetgeen KLM aan de vliegers dient te betalen.
4.Bespreking van het cassatiemiddel
[vlieger 1] applied the same approach in his taks filings for 2012, 2013 and 2014.
Het hof neemt daarbij voor zover nodig in aanmerking dat het van algemene bekendheid is dat in een situatie waarin de vliegers verkeerden, over het KLM inkomen ergens (hetzij in Zwitserland hetzij in Nederland) belasting verschuldigd zou zijn. Het hof verwerpt daarom de stellingname van de vliegers (pleitnota hoger beroep onder 14.3) dat het toepassen van de vrijstelling in Zwitserland niet betekent dat men behoorde te weten dat er in Nederland belasting betaald zou moeten worden. De vliegers hebben nog gesteld (pleitnota hoger beroep onder 14.4) dat hun aangiftes na 2012 niet anders gebeurden dan daarvoor, maar deze stelling leidt niet tot een ander oordeel. Er valt hoogstens uit af te leiden dat zij ook in de jaren vóór 2012 geen belasting hebben betaald over hun KLM inkomen.
nietaf dat de vliegers voor 2012 geen belasting verschuldigd waren in Zwitserland, althans niet verschuldigd zouden moeten zijn. Uit het feit dat de wijze van belastingaangifte doen door de vliegers in beide landen ertoe leidde dat het KLM inkomen in beide landen is vrijgesteld van belasting, leidt het hof hoogstens af dat zij ook in de jaren vóór 2012 geen belasting hebben
betaaldover hun KLM inkomen (rov. 4.14, laatste zin). Dat is ook wat KLM opmerkt in haar pleitnota na verwijzing. [20] Dat de vliegers voor 2012 geen belasting verschuldigd waren in Zwitserland hebben zij ook niet nader onderbouwd. [21]
omdatzij dat inkomen hebben opgegeven als belastbaar in het buitenland. Niet onbegrijpelijk is dat het hof in die situatie de stellingname van de vliegers verwerpt dat het toepassen van de vrijstelling niet betekent dat men behoorde te weten dat er in Nederland belasting betaald zou moeten worden.