Conclusie
1.Overzicht van de zaak en van de conclusie
.
een gezamenlijke bijlagein op de toepassing van het
relativiteitsvereistein een geval als dit.
De kernis de beschouwing in onderdeel 5 van de bijlage. Ik kom tot de conclusie dat, uitgaande van HR BNB 2020/66, het Hof is uitgegaan van een onjuiste rechtsopvatting. Gelet op dat arrest moet worden
aangenomendat een persoon die een op zijn naam gestelde WOZ-beschikking heeft gekregen, belang heeft bij de daarin vastgestelde WOZ-waarde. Gelet op die aanname kan niet worden geoordeeld dat art. 17 Wet Pro WOZ niet strekt tot bescherming van het belang van zo’n persoon. De bijlage bevat ook
een nabeschouwing, die erin uitmondt dat ik de Hoge Raad in overweging geef om HR BNB 2020/66 te heroverwegen.
cassatieberoep gegrondis.