2.2De bewezenverklaring berust op de volgende bewijsmiddelen (met weglating van verwijzingen naar het proces-dossier):
“
I.
Een proces-verbaal van aangifte […] Dit proces verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in als de op 9 april 2020 door aangever [slachtoffer] ten overstaan van verbalisant afgelegde verklaring:
Op 9 april 2020, omstreeks 23.00 uur, bevond ik mij in de [a-straat] te [plaats]. Ik werd aangesproken door een groep jongens. Ik zag dat deze groep jongens uit ongeveer zeven personen bestond. Ik zag dat de jongens mij begonnen te duwen en probeerden vast te houden.
Ik heb geprobeerd mijn voordeur te openen met mijn sleutels. Op dat moment zag en voelde ik dat ik door een van de jongens werd geslagen. Ik zag en voelde dat de jongen mij met zijn vuist hard op mijn gezicht sloeg. Ik voelde direct een hevige pijn aan mijn gezicht. Vervolgens zag en voelde ik dat de rest van de jongens mij ook begonnen aan te vallen. Ik voelde dat de jongens mij op de grond duwden. Ik kwam ten val en voelde dat ik vervolgens door meerdere jongens werd getrapt en geslagen. Ik voelde dat ik overal op mijn lichaam werd geraakt. Ook voelde ik dat ik in mijn gezicht werd getrapt. Dit deed erge pijn.
Toen de politie aanwezig was zag ik een jongen uit de groep weer in de straat lopen. Ik herkende deze jongens als zijnde de jongen die mij als eerste sloeg. Ik herkende de jongen aan zijn ogen en zijn gezicht. Ik zag namelijk dat de jongen donkere ogen had en een baardje had. Ik zag dat de jongen nu alleen geen petje meer droeg.
II.
Een geschrift, te weten een Waarneembericht Huisartsenpost Spoedpost Zuid, van [betrokkene 1] d.d. 11 april 2020, pagina 10 e.v. Dit geschrift houdt het volgende in:
Patiënt: [slachtoffer]
Geboortedatum: [geboortedatum] 1990
Contactdatum: 11 april 2020
Kneuzingen over hele lijf. Wat betreft het gelaat: een wond in de linker wenkbrauw die geplakt is, een dikke bovenlip en neus en ook in de mond een verwonding. Een hematoom onder het linker oog. Ook pijn in de nek en opzij kijken is beperkt en pijnlijk tot tussen schouderbladen. Hoofdpijn frontaal en achterhoofd.
III.
Een proces-verbaal van verhoor getuige […]. Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in als de op 10 april 2020 door getuige [betrokkene 2] ten overstaan van verbalisant afgelegde verklaring:
Gisteren rond 23.00 uur hoorde ik ineens geschreeuw uit de [a-straat] komen. Ik zag een groep jongens slaan en schoppen tegen één jongen.
Ik zag een groep jongens die licht getinte huidskleur hadden. Een aantal droeg ook een pet. De meeste waren rond de 20 jaar oud schat ik in.
Ik zag dat de jongens met vuisten tegen het hoofd van een jongen sloegen. Ik zag dat deze jongens echt heel hard sloegen tegen het hoofd. De vuistslagen tegen het hoofd werd door meerdere jongens gedaan. Ik zag dat door de harde klappen die hij kreeg, naar achter vloog tegen een muur aan. Ik zag dat de groep jongens bleef slaan tegen zijn hoofd. Het leken wel echt allemaal kickboksers. Ik zag dat de jongen die tegen het hoofd geslagen werd vervolgens op de grond lag. Ik zag dat er zeker twee van deze jongens om de beurt hard tegen het hoofd van de man aan schopten.
Ik zag dat er een jongen aan kwam lopen uit de richting van de [b-straat], de [a-straat] in. Ik zag dat hij tot vlak naast de gewonde jongen liep om zijn pet te pakken die daar lag. Ik zag dat dit de jongen was die geslagen had en had geschopt. Ik herkende hem direct. Ik herkende de stem direct die ik eerder had gehoord.
Ik zag dat de man werd aangehouden.
IV.
Een proces-verbaal van verhoor getuige […]. Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in als de op 12 april 2020 door getuige [betrokkene 3] ten overstaan van verbalisant afgelegde verklaring:
Ik woon sinds kort in de [a-straat] in [plaats]. Op 9 april 2020 omstreeks 23.00 uur zaten mijn vriend en ik in de woonkamer. Op dat moment hoorden wij plotseling het geluid alsof er geslagen werd. Ik hoorde twee doffe klappen. Hierop zijn mijn vriend en ik naar het open raam gelopen en keken naar buiten. Wij zagen een groepje van vijf jongemannen staan rond een manspersoon welke op de grond lag. Ik zag dat de manspersoon een schop in zijn buik kreeg.
De manspersoon was er nog en lag op straat. Er waren verschillende mensen naar buiten gekomen en de politie arriveerde ook en ontfermden zich over het slachtoffer die op straat lag. Terwijl mijn vriend (de politierechter begrijpt: en ik) daar zo stonden, kwam er een licht getinte jongen bij ons staan. Hij begon tegen ons te praten.
De jongeman begon op een nogal opdringende wijze tegen ons te praten. Hij klonk nogal agressief. Hij zei: "Zo...is hier een vechtpartij geweest, wat is 'r gebeurd?" Echter de manier waarop hij dit zei en zijn gebruikte gezichtsexpressie deed mij vermoeden dat hij er meer van wist. Ik zag dat hij namelijk een soort besmuikte lach op zijn gezicht had. Ik zag dat hij naar een pet keek die naast het slachtoffer op straat lag. Ik hoorde dat hij zei: "Hey…dat is mijn pet die daar ligt". Terwijl hij dit zei liep hij naar die pet toe en wilde hij deze op pakken. Op dat moment werd hij aangesproken door een van de politiemensen die ter plaatse waren gekomen. Ik hoorde dat de politieagent ze: "Is dat jouw pet dan?", waarop ik de jongen hoorden zeggen: "Uhhh ja hoezo?" Hierop werd de jongen aangehouden door de politie.
V.
Een proces-verbaal van verhoor getuige […]. Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in als de op 10 april 2020 door getuige [betrokkene 4] ten overstaan van verbalisant afgelegde verklaring:
Op 9 april 2020 omstreeks 23.00 uur was ik in mijn woning gelegen op de [a-straat] in [plaats]. Ik hoorde doffe klappen waarop ik naar buiten keek de [a-straat] in. Toen ik naar buiten keek zag ik een groep mannen op een man inslaan die op de grond lag. Ik zag dat de groep bestond uit vijf mannen van ongeveer 20 jaar oud. Ik zag dat de mannen een licht getinte huidskleur hadden en donkere haren. Enkelen van hen droegen petjes.
Ik zag vier van de mannen inslaan op de man die op de grond lag. Ik zag een van de mannen schoppen tegen de man die op de grond lag.
Ik zag een pet op de grond liggen op ongeveer 2 meter afstand van het slachtoffer. Deze pet was grijs met een ruitmotief.
Kort daarna zag ik een man lopen. Deze man past qua leeftijd en signalement binnen de groep die ik had zien wegrennen. De man raapte de pet op die naast het slachtoffer lag en liep door. Ik zag dat het slachtoffer naar de man keek, terwijl hij die pet van de grond opraapte. Ik hoorde dat het slachtoffer daarbij zei: "He was there”.
VI.
Een proces-verbaal van bevindingen d.d. 17 april 2020 […]. Dit proces-verbaal houdt – zakelijk weergegeven – onder meer in als relaas van bevindingen van verbalisanten, althans een van hen:
Op 9 april 2020, omstreeks 23:04 uur, kwamen wij ter plaatse op de [a-straat] te [plaats]. Wij zagen een man op de grond zitten, die later bleek te zijn genaamd: [slachtoffer]. Wij zagen naast [slachtoffer] rode spetters op de grond liggen, vermoedelijk bloed. Op twee meter afstand van [slachtoffer] zagen wij een "boerenpet" liggen, welke grijs van kleur was.
Ik zag dat [slachtoffer] een snee boven zijn linkeroog had. Ik zag dat [slachtoffer] bloed in zijn rechtermondhoek had.
Tijdens het aanhoren van de verklaring van [slachtoffer] zag ik een persoon, die later bleek te zijn genaamd: [verdachte], [verdachte] geboren op [geboortedatum] 2002, naar de boerenpet lopen. Wij zagen dat [verdachte] de boerenpet op zijn hoofd zette en weg liep in de richting van het [a-plein].
[verdachte] hebben wij aangemerkt als zijnde verdachte en aangehouden ter zake openlijke geweldpleging.”