ECLI:NL:PHR:2023:753
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling persoonlijke dienstbetrekking bij verduistering penningmeester supportersvereniging
De verdachte, tweede penningmeester van een supportersvereniging, werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld wegens verduistering en valsheid in geschrift. Het hof achtte bewezen dat verdachte gelden onder zich had uit hoofde van zijn persoonlijke dienstbetrekking of tegen geldelijke vergoeding, ondanks dat hij vrijwilliger was en geen formele arbeidsovereenkomst had.
De verdediging stelde dat geen sprake was van een persoonlijke dienstbetrekking omdat verdachte vrijwillig werkte. De advocaat-generaal bij de Hoge Raad stelde echter dat de feitelijke omstandigheden, zoals ondergeschiktheid, toezicht door het bestuur, verantwoording afleggen en het ontvangen van een vergoeding, wel degelijk duiden op een persoonlijke dienstbetrekking in de zin van art. 322 Sr Pro.
De Hoge Raad bevestigde deze uitleg en verwierp het cassatieberoep. De strafverzwarende omstandigheid van persoonlijke dienstbetrekking kan ook gelden voor vrijwilligers die in ondergeschiktheid en met een zekere mate van vertrouwen werkzaamheden verrichten. De uitspraak benadrukt dat de formele arbeidsovereenkomst niet doorslaggevend is, maar de feitelijke verhouding tussen partijen.
De verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf, met een schadevergoedingsmaatregel. De Hoge Raad vond geen reden om het arrest van het hof te vernietigen en bevestigde de rechtspraak over de uitleg van persoonlijke dienstbetrekking bij verduistering.
Uitkomst: Hoge Raad verwierp cassatieberoep en bevestigde veroordeling wegens verduistering met toepassing van persoonlijke dienstbetrekking ook bij vrijwilliger.