Conclusie
Nummer19/02592
eerstemiddel bevat de klacht dat het gerechtshof het beroep op de vrijstelling van het verbod ex art. 13, eerste lid, Flora- en faunawet (oud) zoals deze is neergelegd in art. 5, eerste lid, van het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten (oud) op onjuiste gronden heeft verworpen.
Bewezenverklaring, bewijsmiddelen en overwegingen
als relaas van verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2]:
"Er zitten jagers in de auto”. Wij zijn doorgereden op de Brunstingerveld richting het zuiden.
als relaas van verbalisant [verbalisant 1]:
als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 3]:
(Phasianus colchicus)terwijl de wettelijk voorgeschreven ringmaat (binnendiameter) voor fazanten 12 millimeter is. Het gebruiken van een grotere ringmaat voor beschermde vogels is slechts onder voorwaarden toegestaan. Voorts deelde [verbalisant 1] mij mede dat volgens de verdachte van het uitzetten, de fazanten geleverd waren door ene [betrokkene 5] uit [geboorteplaats] . Het adres van [betrokkene 5] uit [geboorteplaats] komt voor in onze NVWA registratiesystemen, vanwege eerdere controles op het houden van zowel ongeringde en geringde fazanten.
bijlage 024, bevonden wij, verbalisanten, ons op 6 november 2012 vanaf omstreeks 13.00 uur op het erf van perceel [a-straat 1] te [geboorteplaats] .
Phasianus colchicus)waren gehuisvest. Wij zagen daar zowel mannelijke als vrouwelijke fazanten. Wij zagen dat in het voorste hok/afdeling deze fazanten waren voorzien van pootringen in een gele kleur, waarvan ons bekend is dat pootringen in deze kleur door één van de erkende organisaties, namelijk Kleindier Liefhebbers Nederland (KLN) zijn afgegeven in het jaar 2011. Voorts zagen wij dat de rest van de aanwezige fazanten waren voorzien van blauwe pootringen, naar ons bekend de kleur van afgifte in het jaar 2012.
als relaas van verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4]:
verdachte [betrokkene 5]geïnventariseerd. Verdachte [betrokkene 5] heeft op ons, verbalisanten, verzoek alle fazanten gevangen. Door mij, verbalisant [verbalisant 3] , zijn de gegevens van de pootring opgelezen. Door mij, verbalisant [verbalisant 4] , zijn de gegevens genoteerd op geslacht, ringmaat, bond, jaar, volgnummer, kleur en bijzonderheden, bij dit proces verbaal gevoegd als
bijlage 004.
BFK: volgt tabel met 88 fazanten)
bijlage 006. Informatie met betrekking tot het ringen van de aanwezige fazanten in relatie tot het geslacht en de ringmaat hebben wij, verbalisanten, verwerkt in onderstaande tabel. De voorgeschreven maximale binnendiameter ringmaat voor de fazant is 12 millimeter.
te grote binnendiameter, respectievelijk 13 en 14 millimeter zijn gebruikt.
uittreksel van de Kamer van Koophandel betreffende VOF [verdachte]d.d. 11 mei 2017, voor zover inhoudende:
ontheffing van de Minister van Landbouw, natuur en voedselkwaliteit ter attentie van VOF [verdachte]d.d. 5 november 2008, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven:
bewijs van ontvangst van de administratie van VOF [verdachte]d.d. 25 februari 2013, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven:
(Het hof begrijpt: boekhouder van verdachte VOF [verdachte] )
BFK: volgt overzicht van grootboekkaarten, jaarrekeningen, een inventarisatieformulier en ordners)
bewijs van ontvangst van de administratie van VOF [verdachte]d.d. 26 februari 2013, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven:
BFK: volgt omschrijving van drie ordners)
-als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 6]:
DOC-00045. Hierop zagen wij een betaling van € 1.500,00 op 18 april 2011 door [D] onder vermelding van “ [betrokkene 1] ”. Wij zagen, dat hier met pen was bijgeschreven “
Faz.geld 2010!”.Hieronder is een scan daarvan door ons ingevoegd:
BFK: volgt scan van afschrift bankrekening)
DOC-0204jaar 2010 en
DOC-0239jaar 2011. In dit Grootboek zijn kasboekingen met het cijfer 10 en bankboekingen met het cijfer 21 gecodeerd. Deze boekingen zijn opgenomen in de staat “Verkoop overig pluimvee” waaronder de boekingen voor verkopen fazanten zijn opgenomen. Hierop zagen wij een boeking code 940 in
DOC-0204per maand 12 (december), datum 18-04-2011, omschrijving “ [D] FAZANTEN 2010” ten bedrage van € 1.415,09 exclusief BTW. Deze post betreft een betaling in 2011 welke bij de opbrengsten hoort van 2010.
DOC-0239komt deze post twee maal terug met code 21 als verrekening, éénmaal met vermelding van het BTW bedrag; € 1.415,09 en BTW € 84,91. Deze twee bedragen vormen opgeteld het bedrag van € 1.500,00 vermeld op het hiervoor vermelde bankafschrift. Vermoedelijk betreft dit een betaling met betrekking tot levering van fazanten.
BFK: volgen scans van twee grootboekkaarten)
DOC-045, en een kopie van het document Grootboekkaart met nummer
DOC-0239en vroegen hem of hij van deze transactie een factuur of nota kon tonen.
-als relaas van verbalisanten [verbalisant 6] en [verbalisant 4]:
DOC-00086. Hierop zagen wij een betaling van € 850,00 op 21 augustus 2012 door [betrokkene 3] eo, zonder vermelding van inhoud. Hieronder is een scan daarvan door ons ingevoegd:
BFK: volgt scan bankafschrift)
DOC-0276.
“ [betrokkene 3]” van € 801,89 excl. BTW en een BTW bedrag van € 48,11. Deze twee bedragen vormen opgeteld het bedrag van € 850,00 vermeld op het hiervoor vermelde bankafschrift.
BFK: volgt scan grootboekkaart)
DOC-00086, en een kopie van het document Grootboekkaart met nummer
DOC-0276en vroegen hem of hij van deze transactie een factuur of nota kon tonen. Verdachte [betrokkene 3] , verklaarde ons op onze vragen, als volgt:
als relaas van verbalisant [verbalisant 3]:
bijlage 026 en 027bij dit proces-verbaal, inzage gekregen in onder andere het onderzoek […] , uitgevoerd door het Regionale Milieu Team (RMT) van de politie Drenthe. Daar staat onder andere in een proces-verbaal van bevindingen met
documentcode 056-AH-026dat een bestelauto, kleur rood, merk Mitsubishi met kenteken [kenteken] , op naam van [verdachte] uit [vestigingsplaats] het erf op reed van een woning, verbalisanten bekend als de woning van [betrokkene 6] , jachtaktehouder te [plaats] , nabij een grote schuur achter op het erf.
bijlage 093bij dit proces-verbaal gevoegd.
als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 3]:
BFK: volgt scan aanvraagformulier)
bijlage 007bij dit proces-verbaal:
bijlage 007bij dit proces-verbaal:
bijlage 009bij dit proces-verbaal worden gevoegd. En verklaarden zij verder als volgt:
"Wij houden de voor de ontheffing verplichte administratie bij vanaf het moment van aanvoer van [H] tot het moment van ringen.”
als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 6]:
DOC-00087. Hierop zagen wij een betaling van € 2.700,00 op 14 september 2012 door [I] onder vermelding van “Geleverde goederen”. Hieronder is een scan daarvan door ons ingevoegd:
BFK: volgt scan bankafschrift)
DOC-0276.
“ [I] gelev. goederen’’van € 2.547,17 excl. BTW en een BTW bedrag van € 152,83. Deze twee bedragen vormen opgeteld het bedrag van € 2.700,00, vermeld op het hiervoor vermelde bankafschrift. Vermoedelijk betreft dit een betaling met betrekking tot levering van fazanten.
BFK: volgt scan grootboekkaart)
bijlage 091bij dit proces-verbaal gevoegd. Vanuit het onderzoek registratie jachtaktehouders bleek ons dat:
DOC-00087en een kopie van het document Grootboekkaart met nummer
DOC-0276en vroegen hem of hij van deze transactie een factuur of nota kon tonen.
bijlage 066bij dit proces-verbaal gevoegd.
BFK: volgt scan)
op de nota fazanten betreffen. Ik regel slechts de betaling, op de kopie staat mijn handtekening. Mijn jacht valt zakelijk onder [I] . Ik heb u een lijst laten zien met alle kosten â circa 85.000 Euro. Deze nota is dus een kleine post. De jacht geldt voor mijn bedrijf als relatiebeheer. Het is zeer aannemelijk dat de levering fazanten zijn, maar ik heb dit niet gezien. Ik heb meerdere jachtvelden in Duitsland. Over de levering weet ik verder niets. Meerdere mensen regelen de complete jacht. Omdat de jacht zakelijk is besteed ik het werk ermee uit en dat wordt door anderen verzorgd. Onder andere meerdere jachtveldbeheerders. Negentig procent van mijn jacht zit in Duitsland en Schotland. De rest in Nederland. De ontvangen fazanten zijn uitsluitend voor de Duitse jachtvelden bestemd. Ik heb geen ontheffing voor het houden van ongeringde fazanten.”
als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] , [verbalisant 3] en [verbalisant 6]:
DOC-00083. Hierop zagen wij een betaling van € 2.760,00 op 25 januari 2012 door Holding [K] onder vermelding van
“Nota [betrokkene 4] ”Wij zagen dat hier met pen “
Fazanten” was bijgeschreven.
BFK: volgt scan)
DOC-0276.In dit Grootboek zijn kasboekingen met het cijfer 10 en bankboekingen met het cijfer 21 gecodeerd. Hierop zagen wij een boeking code 21 op 25 januari 2012, omschrijving “ [K]
FAZANTEN”van € 2.603,77 excl. BTW bedrag van € 156,23. Deze twee bedragen vormen opgeteld het bedrag van € 2.760,00 vermeld op het hiervoor vermelde bankafschrift.
BFK: volgt scan)
bijlage 088bij dit proces-verbaal gevoegd.
DOC-000083en het document Grootboekkaart met nummer
DOC-0276en vroegen hem of hij van deze transactie een factuur of nota kon tonen. Tijdens het horen, overhandigde hij ons een nota. Deze door ons in beslag genomen nota is als
bijlage 056bij dit proces-verbaal gevoegd.
BFK: volgt scan)
bijlage 055bij dit proces-verbaal gevoegd.
bijlage 055bij dit proces-verbaal is gevoegd, staat dat wij, verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 6] , op dinsdag 26 maart 2012 aanwezig zijn op de locatie [k-straat 1] te [geboorteplaats] . Dit betreft een verschrijving en moet uiteraard zijn: 26 maart 2013.
als relaas van verbalisanten [verbalisant 6] en [verbalisant 3]:
het hof begrijpt: 26 maart 2013), omstreeks 13.40 uur bevonden wij, verbalisanten, ons op de locatie [k-straat 1] , [plaats] , alwaar is gevestigd een vestiging van Intratuin. Op plaats, datum en tijdstip voornoemd, spraken we met een persoon die zich voorstelde als [betrokkene 2] . Nadat wij, verbalisanten, het doel van onze komst hadden medegedeeld en nadat wij ons hadden gelegitimeerd als buitengewoon opsporingsambtenaar, nodigde [betrokkene 2] ons om 13.50 uur uit op het kantoor op vermelde locatie, waarna wij, verbalisanten, [betrokkene 2] nader hebben uitgelegd dat hij als verdachte zou worden gehoord en dat hij zich mocht laten bijstaan door een advocaat.
2011: het gaat hier om een levering van kuikens in mei 2011. Op de nota staat vermeld ‘najaar’ 2011, echter het gaat hier om een levering van fazanten eind augustus 2011. Alle door [verdachte] geleverde fazanten waren niet voorzien van een pootring, althans ik heb nooit gezien dat er een pootring om de poten van de fazanten zat. Ik heb nooit contante betalingen aan [verdachte] gedaan. Dat ik de fazanten krijg aangeleverd van een leverancier uit Nederland, in dit geval van [verdachte] te [vestigingsplaats] , komt voort uit het feit dat de fazanten in Nederland goedkoper zijn dan in Duitsland. Ik heb deze fazanten zelf besteld bij [verdachte] te [vestigingsplaats] . Ik weet dat [verdachte] een fazanterie heeft, waar hij bedrijfsmatig fazanten houdt. Ik houd geen fazanten in gevangenschap, niet in Nederland en niet in Duitsland. Ik betaal aan [verdachte] voor de kleine kuikens (eendagskuikens)±
€ 2,- per stuk. Ik betaal voor de wat grotere fazanten € 6,- tot € 8, - per stuk. Ik heb in ieder geval in 2011 een paar honderd fazanten afgenomen van [verdachte] . Het exacte aantal weet ik niet. Hoe het precies is geregeld met het wegbrengen van fazanten naar het jachtgebied [plaats] weet ik niet. Daar heb ik geen bemoeienis mee. Ik heb geen ontheffing om ongeringde fazanten te houden.”
-als relaas van verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 3]:
als verklaring van medeverdachte [medeverdachte ]:
Regelgeving
Artikelen 5 tot en met 8
Bespreking van de middelen
Wij houden de voor de ontheffing verplichte administratie bij vanaf het moment van aanvoer van [H] (BFK: de gestelde leverancier van ééndagskuikens) tot het moment van ringen’ (bewijsmiddel 12).
Ik heb er niet op gelet of er pootringen om zaten want ik ken die hele regeling niet. Ik bracht ze naar Landgoed […] in [plaats] . Daar liet ik ze los. (…) De fazanten die ik bij [verdachte] op heb gehaald heb ik allemaal uitgezet, niet doorverkocht. Ik weet zeker dat ik geen ringen heb afgeknipt, daarom denk ik dat ze ongeringd waren’(bewijsmiddel 9). En [betrokkene 2] verklaart: ‘
Alle door [verdachte] geleverde fazanten waren niet voorzien van een pootring, althans ik heb nooit gezien dat er een pootring om de poten van de fazanten zat’(bewijsmiddel 15)
.[betrokkene 3] verklaart evenwel: ‘
Hij moet het doen zoals het mag, ik wil er geen problemen mee hebben, daarom levert hij ze geringd. (…) De fazanten zijn in het hok gekomen, en ik heb er nog wat van. Ik heb ze niet thuis en wil ze niet laten zien. Ik heb een jachtveld’(bewijsmiddel 10). En [betrokkene 6] verklaart: ‘
De fazanten waren allemaal geringd. (…) De ringen heb ik weggegooid. De fazanten waren voor eigen gebruik. Ik slacht ze en doe ze in de diepvries’(bewijsmiddel 11). [betrokkene 4] wilde niet antwoorden op de vraag ‘of de ontvangen fazanten geringd of ongeringd waren’ (bewijsmiddel 13). En bij [betrokkene 5] zijn de fazanten die bij een inspectie worden aangetroffen bijna allemaal voorzien van een pootring. [betrokkene 5] verklaart dat alle aanwezige fazanten afkomstig zijn van [verdachte] en dat hij alleen geringde fazanten koopt (bewijsmiddel 3). De pootringen hebben deels wel een grotere ringmaat dan wettelijk is voorgeschreven (bewijsmiddel 4).
4.4.2. Vogels vallende onder de reikwijdte van de Vogelrichtlijn
3.4.4. Vrijstellingen gefokte vogels en soorten op bijlagen CITES
tweedemiddel klaagt dat het vereiste van berechting binnen een redelijke termijn, in het bijzonder de inzendingstermijn in de cassatiefase, is geschonden.