Conclusie
1.Inleiding
2.Het middel
- drie schedelbreuken,
- een bloeding in het middenoor met een geperforeerd trommelvlies en
- een gekneusde borstkas.
welbewusteaanvaarding van onaanvaardbare risico’s vereist. [10] Deze klacht is – gelet op het hiervoor weergegeven kader – tevergeefs voorgesteld. De Hoge Raad heeft nadien immers uitgemaakt dat van roekeloosheid niet alleen sprake is wanneer de verdachte zich van het zeer ernstige gevaar bewust was, maar ook indien hij zich daarvan bewust
had moeten zijn. [11] Het hof heeft in dat verband ook overwogen dat verdachte kennelijk zonder enige remming door besef van de onaanvaardbare risico’s van zijn gedrag op zeer gevaarlijke wijze aan het verkeer heeft deelgenomen en dat hij zich bewust had moeten zijn van dit gevaar en het risico dat hij nam. De eerste deelklacht faalt.