Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
eerste middelklaagt over de bewijsvoering. Aangevoerd wordt dat “de bewezenverklaring niet (in voldoende mate) uit de gebezigde bewijsmiddelen kan volgen althans de bewezenverklaring onbegrijpelijk en/of ontoereikend is gemotiveerd.” Meer in het bijzonder richt het middel zich tegen het bewezenverklaarde “tezamen en in vereniging”. Uit de door het hof gebruikte bewijsmiddelen blijkt niet, zo wordt aangevoerd, “welke intellectuele en/of materiele bijdrage” de verdachte “zou hebben geleverd noch op welke wijze die bijdrage alsdan een nauwe en bewuste samenwerking met de medeverdachte(n) zou hebben opgeleverd.”
Het standpunt van de advocaat-generaal
Het hof acht aldus wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het hem primair tenlastegelegde heeft begaan.”