ECLI:NL:PHR:2018:523
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest over recht op pleidooi bij herroeping arbitrale vonnissen
Deze zaak betreft een cassatieberoep tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 23 mei 2017 en een rolbeslissing van 20 november 2015, waarin eisers tot cassatie (vennoot en praktijkvennootschap) hun verzoek tot pleidooi in een procedure tot herroeping van arbitrale vonnissen en rechterlijke uitspraken niet werd toegestaan.
De procedure spitst zich toe op de vraag of het hof terecht heeft geoordeeld dat eisers geen bijzondere reden hadden om alsnog te mogen reageren op een antwoordakte van BDO, en daarmee het recht op pleidooi heeft miskend. Het hof had een comparitie gelast waarbij partijen hun standpunten mondeling konden toelichten, maar daarna het verzoek tot pleidooi afgewezen. De Hoge Raad oordeelt dat het recht op pleidooi, verankerd in art. 6 EVRM Pro en art. 134 lid 1 Rv Pro, slechts in uitzonderlijke gevallen mag worden beperkt en dat het hof zijn beslissing onvoldoende heeft gemotiveerd.
De Hoge Raad benadrukt dat in een procedure tot herroeping van rechterlijke uitspraken en arbitrale vonnissen, die als feitelijke instantie wordt gevoerd, het achterwege laten van pleidooi niet kan worden gecompenseerd in een hogere instantie. Daarom is de rolbeslissing en het arrest vernietigd en is de zaak terugverwezen voor een nieuwe behandeling waarbij het recht op pleidooi wordt gewaarborgd.
De zaak heeft een lange proceduregeschiedenis met meerdere procedures over de beëindiging van de maatschapsovereenkomst tussen eisers en BDO, waaronder arbitrage, bodemprocedures en hoger beroep. Centraal staat de geldigheid van een uitzettingsbesluit en de vraag of BDO stukken over arbeidsongeschiktheid heeft achtergehouden of bedrog heeft gepleegd. Het hof heeft dit laatste niet bewezen geacht. De Hoge Raad beperkt zich in dit arrest tot de procesrechtelijke vraag over het recht op pleidooi.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en de rolbeslissing wegens schending van het recht op pleidooi en wijst de zaak terug.