Conclusie
middelbehelst de klacht dat art. 6 EVRM Pro, in verbinding met art. 360, eerste lid, Sv, is geschonden, doordat het hof het gebruik voor het bewijs van verklaringen van beperkt anonieme getuigen niet dan wel onvoldoende heeft gemotiveerd. Het middel doelt op de bewijsmiddelen 1, 3, 4 en 5.
bij de rechter-commissarisonder nummer afgelegde
verklaringenoverigens niet voor het bewijs gebruiken, omdat deze naar het oordeel van het hof voor het bewijs niet van belang zijn.