Conclusie
second opinion. Verder wordt geklaagd over ontbrekende wettelijke aantekeningen als bedoeld in art. 37a Wet Bopz.
1.Feiten en procesverloop
2.Bespreking van het cassatiemiddel
second opinion. Onderdeel II klaagt dat de rechtbank geen onderzoek heeft gedaan naar de aangevoerde contra-indicaties. Onderdeel III keert zich tegen het oordeel dat door het achterwege blijven van een
second opinionde belangen van betrokkene redelijkerwijs niet zijn geschaad. Onderdeel IV klaagt dat de in art. 37a Wet Bopz bedoelde aantekeningen ontbreken, en dat zodoende niet alle volgens de Wet Bopz vereiste formaliteiten in acht zijn genomen.
second opiniondie uitsluitend betrekking zou moeten hebben op de (mogelijke) gevolgen van een gedwongen opname voor betrokkene, niet onbegrijpelijk. Hoe dan ook, de machtigingsprocedure in de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen heeft slechts betrekking op de beslissing tot (voortzetting van een) gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis. De psychiatrische behandeling in het ziekenhuis en eventuele bezwaren van de patiënt daartegen kunnen, zo nodig, aan de orde worden gesteld bij de vaststelling van het behandelingsplan (zie art. 38a lid 3 Wet Bopz) of in het kader van een klacht op de voet van art. 41 Wet Pro Bopz. Voor zover het verzoek om een second opinion betrekking had op de wijze van behandeling, behoefde de rechtbank dit verzoek binnen het kader van de machtigingsprocedure niet in behandeling te nemen.
second opinionop dit moment (nog) niet zinvol is, omdat de korte duur van de opname bij Mediant ook bij een eventuele
second opinioneen gegeven zal zijn. Tegen de achtergrond van deze beperkte vraagstelling, is de afwijzing van het verzoek om een
second opinionniet onbegrijpelijk noch onvoldoende gemotiveerd. Onderdeel I faalt.
second opinionredelijkerwijs geen belang van betrokkene wordt geschaad. De klacht houdt in dat dit oordeel onjuist is omdat, als zou blijken dat voortzetting van de gedwongen opname gecontra-indiceerd is, afwijzing van het verzoek om een
second opinionzou betekenen dat de belangen van betrokkene worden geschaad. Volgens het onderdeel blijkt uit niets dat de belangen van betrokkene niet worden geschaad; vanwege het ontbreken van iedere referentie is het bestreden oordeel in ieder geval onvoldoende gemotiveerd.
second opinion. In cassatie wordt het oordeel van de rechtbank met betrekking tot het gevaar evenmin bestreden. Nu het gevaar mede hierin bestaat dat betrokkene een ander van het leven zal beroven of ernstig lichamelijk letsel zal toebrengen, behoefde het bestreden oordeel geen uitvoeriger motivering dan de rechtbank heeft gegeven. Naar het oordeel van de rechtbank kon het gevaar voor derden niet door tussenkomst van personen of instellingen buiten een psychiatrisch ziekenhuis worden afgewend. In dat oordeel ligt besloten dat het belang van de bescherming van derden zwaarder weegt dan een eventuele contra-indicatie. Dit oordeel is in de gegeven omstandigheden niet onbegrijpelijk. De rechtbank heeft voorts het oordeel van de arts overgenomen dat de opname bij Mediant te kort heeft geduurd om al resultaten van de behandeling te kunnen laten zien en dat een
second opinionover opname en behandeling voorzienbaar (nog) niet zinvol is, omdat de korte duur van de opname ook bij een second opinion een gegeven zal zijn. Dit laatste, dat in cassatie niet althans onvoldoende concreet wordt bestreden, kan het bestreden oordeel dragen. Onderdeel III faalt op deze gronden.
09-06-2017(…)