Conclusie
middelklaagt dat de bewezenverklaring ontoereikend is gemotiveerd, nu uit de bewijsmiddelen niet kan worden afgeleid dat het slachtoffer letsel heeft bekomen.
Parket bij de Hoge Raad
Op 6 oktober 2010 gaf verdachte in café [A] te Stroe een kopstoot aan het slachtoffer, waarbij het hof oordeelde dat het slachtoffer letsel had opgelopen. De bewezenverklaring berustte op verklaringen van het slachtoffer en getuigen. De verdediging stelde dat uit de bewijsmiddelen niet kon worden afgeleid dat het slachtoffer daadwerkelijk letsel had bekomen.
De Hoge Raad constateerde dat het hof per abuis de zinsnede 'letsel heeft bekomen' niet had geschrapt in de tenlastelegging en bewezenverklaring. Desondanks kon de bewezenverklaring worden gelezen als een eenvoudige mishandeling, waarbij slechts sprake was van pijn en geen letsel. De Hoge Raad verwierp het cassatiemiddel omdat de aard en ernst van het bewezenverklaarde niet wezenlijk veranderden door de verbeterde lezing.
De straf van een voorwaardelijke gevangenisstraf van één week en een geldboete van €700 bleef daarmee in stand. De Hoge Raad vond geen aanleiding tot vernietiging van het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden en verwierp het cassatieberoep.
De zaak benadrukt het belang van nauwkeurige bewezenverklaringen en bevestigt dat een onjuiste formulering in de bewezenverklaring niet automatisch leidt tot vernietiging als de kern van het bewezenverklaarde overeind blijft.
De uitspraak geeft tevens inzicht in de toepassing van LOVS-oriëntatiepunten bij mishandeling met alleen pijn als gevolg.
Uitkomst: Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling voor eenvoudige mishandeling met een voorwaardelijke gevangenisstraf en geldboete.