Conclusie
Procureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden
1.Inleiding
2.De feiten en het geding in feitelijke instanties
3.Het geding in cassatie
4.Wetgeving, wetsgeschiedenis, jurisprudentie en literatuur
5.Beschouwing en beoordeling
eindbalansper 31 december 2011. Er staat niets over het tijdstip waarop uiterlijk een beroep op de Overgangsregeling gedaan zou moeten worden.
wordtverleend’ juist ervan uit te gaan dat een beroep op de Overgangsregeling ook mogelijk is
nadatde aangiftetermijn voor het belastingtijdvak december 2011 is verstreken. Immers, indien als uitgangspunt zou gelden dat aangiften afvalstoffenbelasting over december 2011 uiterlijk op 31 januari 2012 hadden moeten zijn ingediend en tegelijkertijd met deze aangiften ook een beroep had moeten worden gedaan op de toepassing van de Overgangsregeling, dan lijkt het niet voor de hand te liggen dat er vanaf april 2014 nog teruggaven op grond van de Overgangsregeling zouden kunnen plaatsvinden.
de factosprake is van negatieve aangifte (en een ‘negatievere’ aangifte door de toepassing van de Overgangsregeling), die als een verzoek om teruggaaf, kan worden gezien, doet aan het voorgaande niet af. Daarbij komt dat bij de herinvoering van de afvalstoffenbelasting per 1 april 2014 artikel 89, vierde lid, Wbm is aangevuld. Aan dit artikel is toegevoegd dat een verzoek om teruggaaf geschiedt bij de aangifte over het tijdvak waarover de belasting berekend is. Vergelijkbare bewoordingen ontbreken in de Overgangsregeling en ontbraken ook in artikel 89, vierde lid, van de Wbm van het onderhavige jaar.