Conclusie
[verdachte]
middelbehelst de klacht dat het hof de bewezenverklaring van het onder 4 ten laste gelegde in het licht van art. 342, tweede lid, Sv ontoereikend heeft gemotiveerd, aangezien het hof deze in de kern bezien uitsluitend heeft doen steunen op de verklaring van de aangeefster, [betrokkene 1]. één getuige. De tot het bewijs gebezigde verklaringen van de grootmoeder en van de huisarts, alsmede de huisartsaantekening in het patiëntendossier van [betrokkene 1] zijn immers allemaal te herleiden tot één bron; de verklaringen van [betrokkene 1] zelf, aldus het middel.