Conclusie
De Principaal B.V.,
Woonstichting Lieven de Key,
In de zaak met nummer 200.126.590/01
In de zaak met nummer 200.128.989/01
eerste middelvalt niet het oordeel aan dat sprake is van eigen gebruik bestaande uit renovatie van woonruimte die zonder beëindiging van de huur niet mogelijk is (art. 7:274 lid Pro 1, aanhef en onder c, jo lid 3, aanhef en onder a, BW), maar klaagt in het eerste middel over het oordeel in rov. 3.12.7 dat sprake was van
dringendeigen gebruik.
tweede middelis gericht tegen het oordeel van het hof dat De Principaal c.s. de financiële haalbaarheid van de renovatieplannen voldoende aannemelijk hebben gemaakt tegen de achtergrond van hun onbetwiste stelling dat de financiering rond is mits de appartementen na realisatie worden verkocht (rov. 3.12.8). De motiveringsklacht van het middel steunt op het betoog dat de plannen financieel haalbaar zijn indien de appartementen na realisatie worden verkocht, maar dat daarover niets is vastgesteld en dat het hof aan toewijzing van de vordering ook niet deze voorwaarde heeft verbonden (hoewel [eiser] dat heeft bepleit bij MvG nr. 4.46).