ECLI:NL:PHR:2012:BY4869
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen moord en toewijzing schadevergoeding
De zaak betreft een cassatieberoep tegen het arrest van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch, waarin verdachte werd veroordeeld tot 16 jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van moord. Tevens werd een schadevergoedingsmaatregel van €5338,55 toegewezen aan de benadeelde partij, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 31 augustus 2007.
De Hoge Raad overwoog dat het hof terecht bij de strafoplegging rekening hield met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het werd gepleegd en de persoon van de verdachte. Het hof mocht ook de ontkennende houding van verdachte en het verzuim om openheid te geven tijdens het opsporingsonderzoek meewegen, zonder dat dit in strijd is met het nemo tenetur-beginsel. De verdachte had samen met een ander het slachtoffer op gruwelijke wijze om het leven gebracht en zich daarna niet bekommerd om het slachtoffer.
De Hoge Raad verwierp de cassatiemiddelen, waaronder het betoog dat de raadsman niet beschikte over eerdere verhoren, het vermeende inbreuk maken op het zwijgrecht en de discussie over de ingangsdatum van de wettelijke rente. De Hoge Raad bevestigde dat de wettelijke rente verschuldigd is vanaf het moment van het strafbare feit tot volledige voldoening. De cassatie werd verworpen, waarmee het hofarrest in stand bleef.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 16 jaar gevangenisstraf wegens medeplegen van moord en een schadevergoeding toegekend.