ECLI:NL:PHR:2012:BW6671
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen witwassen ondanks betwisting herkomst geldlening
Verdachte werd door het Gerechtshof Arnhem veroordeeld voor medeplegen van witwassen, omdat hij een bedrag van €400.000,- op zijn rekening had gestort dat volgens het hof afkomstig was van een misdrijf. Verdachte stelde dat het geld een lening was van een onbekende geldverstrekker uit Oekraïne, vastgelegd bij een notaris, en dat hij niet wist van de criminele herkomst.
Het hof oordeelde dat het onwaarschijnlijk was dat een onbekende een dergelijke lening zou verstrekken zonder zekerheid en tegen een hoge rente, en dat het nalaten van incassomaatregelen door de geldverstrekker duidde op malafide intenties. De verdediging verzocht om het horen van de vermeende geldverstrekker als getuige, maar het hof wees dit af wegens onvoldoende noodzaak.
De Hoge Raad stelt dat het hof de maatstaf voor het getuigenverzoek te ruim heeft toegepast en onvoldoende gemotiveerd heeft waarom het verzoek werd afgewezen. De conclusie van de advocaat-generaal is dat het eerste middel faalt maar het tweede middel gegrond is, en beveelt vernietiging en verwijzing naar het hof Leeuwarden voor hernieuwde behandeling.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor hernieuwde behandeling.