ECLI:NL:PHR:2012:BV7346
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid stichting wegens toerekenbare tekortkoming en onrechtmatige daad
In deze zaak staat de bestuurdersaansprakelijkheid van de Stichting Freule Lauta van Aysma centraal. De stichting had miljoenen guldens geïnvesteerd in een risicovol financieel project, wat leidde tot schade doordat de hypothecaire lening niet kon worden afgelost. De bestuurders, een gevolmachtigde en diens vennootschap werden door rechtbank en hof hoofdelijk aansprakelijk gesteld voor de schade.
De Hoge Raad behandelt een cassatieberoep van enkele bestuurders en de gevolmachtigde tegen het arrest van het hof Amsterdam. Het beroep richt zich op de klacht dat het hof niet heeft overwogen op een vermeende impliciete grief over de nietigheid van bankgaranties. De Hoge Raad oordeelt dat het middel niet voldoet aan de eisen van art. 81 RO Pro, omdat de klacht onvoldoende is gemotiveerd en onduidelijk is.
Het hof heeft de bestuurders aansprakelijk gehouden wegens onbehoorlijke taakvervulling en onrechtmatige daad, waarbij zij het belang van de stichting ondergeschikt maakten aan eigen belangen. De Hoge Raad bevestigt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de bestuurders aansprakelijk zijn voor de schade, en dat de hoogte van de schade nog vastgesteld moet worden in een schadestaatprocedure.
Het cassatieberoep wordt verworpen en de bestuurders blijven hoofdelijk aansprakelijk voor de schade die de stichting en de gemeente lijden door de financiële transacties en garanties. De procedure benadrukt het belang van zorgvuldigheid en transparantie in het bestuur van stichtingen bij financiële aangelegenheden.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen wegens onvoldoende gemotiveerde klacht; bestuurders blijven hoofdelijk aansprakelijk voor de schade.