ECLI:NL:PHR:2011:BP8693
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Herstelprocedure bij onjuist verleend ontslag van instantie in faillissementsprocedure
In deze zaak stond centraal of een beslissing tot ontslag van instantie, die zonder behoorlijke oproeping van de curator was genomen en de positie van de curator en boedel rechtstreeks raakte, hersteld kon worden via art. 31 Rv Pro. De curator was niet opgeroepen om zich uit te laten over het ontslag van instantie in een procedure in reconventie tegen Veco Lasconstructies. De rechtbank verleende het ontslag van instantie en verwees de zaak voor voortzetting in conventie. De curator verzocht later om herstel van deze beslissing, maar werd niet-ontvankelijk verklaard. Het hof bevestigde dit oordeel.
De Hoge Raad stelt dat een verzoek tot herstel van een met schending van het beginsel van hoor en wederhoor gegeven beslissing niet binnen het bereik van art. 31 Rv Pro valt. Dit artikel is beperkt tot kennelijke fouten zoals reken- of schrijffouten en niet voor materiële beoordelingsfouten. Het ontslag van instantie is een eindbeslissing waartegen hoger beroep openstaat, maar de curatoren waren niet ontvankelijk verklaard omdat het hof oordeelde dat de rolbeslissing geen vonnis was waartegen hoger beroep mogelijk was.
De Hoge Raad benadrukt dat het beginsel van hoor en wederhoor fundamenteel is en dat de curator als vertegenwoordiger van de boedel behoorlijk moet worden opgeroepen. Omdat dit niet is gebeurd, is sprake van een procesueel verzuim dat de toegang tot de rechter raakt. Daarom moet de termijn voor hoger beroep tegen de rolbeslissing worden verlengd met veertien dagen vanaf het moment dat de curator kennis neemt van de beslissing, conform art. 6 EVRM Pro. De zaak wordt vernietigd en terugverwezen voor voortzetting van de procedure.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug voor voortzetting van de procedure met inachtneming van het beginsel van hoor en wederhoor.