ECLI:NL:PHR:2010:BL8759
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens openlijk in vereniging geweld plegen tegen politie bij ontruiming Fort Pannerden
Verdachte werd door het Gerechtshof Arnhem veroordeeld wegens openlijk in vereniging geweld plegen tegen leden van de Mobiele Eenheid tijdens de ontruiming van Fort Pannerden op 7 november 2006. Het geweld bestond uit het gooien van molotovcocktails, verfbommen en vuurwerk richting politie. Verdachte stelde in cassatie onder meer dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard had moeten worden vanwege procedurele fouten en dat het geweld niet openlijk was gepleegd.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht het beroep op niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie verwierp, ook al was de appèlschriftuur niet volgens de formele regels ingediend. Het hof had bovendien terecht geoordeeld dat het geweld openlijk was, ook al was er geen publiek aanwezig, omdat het geweld onverholen en niet heimelijk werd gepleegd en de openbare orde werd aangetast.
Verder werd het verweer dat verdachte niet de opzet had om politie te raken afgewezen, omdat deelname aan de groep die openlijk geweld pleegde en het leveren van een significante bijdrage daaraan voldoende is voor bewezenverklaring. Het hof baseerde zich op verklaringen van politiefunctionarissen en verdachte zelf. Alle middelen van cassatie faalden, waardoor het vonnis van het hof stand bleef.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte voor openlijk in vereniging geweld plegen tegen politie tijdens de ontruiming van Fort Pannerden.