ECLI:NL:PHR:2009:BG7749
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor oplichting en bedrieglijke bankbreuk met beleggingsfraude
De verdachte sloot tussen 2003 en 2005 met vele personen geldleningsovereenkomsten waarbij hij hoge rendementen beloofde die aanvankelijk werden uitbetaald. Hij gebruikte het vertrouwen dat hij had opgebouwd als directeur van beleggingsinstellingen en zijn reputatie in de tenniswereld om steeds meer beleggers aan te trekken.
Vanaf 2003 belegde de verdachte het ingelegde geld niet meer daadwerkelijk, maar gebruikte hij nieuwe inleggersgelden om eerdere beleggers uit te betalen, waardoor een piramidespel ontstond. Hij wekte de illusie van beleggingen in valutahandel en Japanse en Chinese warrants, terwijl hij wist dat hij zijn verplichtingen niet kon nakomen.
Het hof oordeelde dat de verdachte met opzet handelde om zich wederrechtelijk te bevoordelen en dat hij een groot aantal personen heeft misleid en bewogen tot het afgeven van geld. De verdediging voerde aan dat het opzet en het gebruik van oplichtingsmiddelen ontbraken, maar dit werd door het hof verworpen.
De Hoge Raad vernietigde de strafoplegging vanwege overschrijding van de redelijke termijn en bepaalde dat de straf verminderd moet worden, maar verwierp het cassatieberoep voor het overige.
Uitkomst: De strafoplegging is vernietigd wegens termijnoverschrijding en verminderd, het cassatieberoep is voor het overige verworpen.