ECLI:NL:PHR:2005:AT4434
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad herstelt verzuim bij uitlevering en bepaalt bevoegdheid minister over geïntegreerde vreemdeling
De zaak betreft de uitlevering van een persoon aan Italië wegens betrokkenheid bij invoer van cocaïne. De rechtbank had de uitlevering toelaatbaar verklaard voor zeven feiten, maar gaf onvoldoende duidelijkheid over de feitelijke grondslagen. De Hoge Raad vernietigt dit deel van het vonnis en herstelt het door de uitlevering slechts toe te staan voor de twee feiten waarbij de opgeëiste persoon direct betrokken is.
Daarnaast speelt de vraag of de opgeëiste persoon als een in Nederland geïntegreerde vreemdeling kan worden aangemerkt, waardoor een terugkeergarantie vereist zou zijn. De Hoge Raad bevestigt vaste jurisprudentie dat deze beoordeling niet aan de rechter toekomt, maar aan de minister van Justitie. Dit geldt ook voor de beoordeling van de terugkeergarantie.
De Hoge Raad wijst verder op de onjuiste toepassing van de EU-uitleveringsovereenkomst door de rechtbank, die nog niet van toepassing is op Italië. De uitspraak verduidelijkt de toepasselijke regelgeving en de rolverdeling tussen rechter en minister bij uitleveringsprocedures.
Uitkomst: De Hoge Raad herstelt het verzuim in de feitelijke omschrijving en bepaalt dat de minister van Justitie beslist over uitlevering van geïntegreerde vreemdelingen.