ECLI:NL:PHR:2004:AP2651
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst of overeenkomst van opdracht tussen Diosynth en acquisitrice
De zaak betreft de vraag of tussen Diosynth B.V. en een acquisitrice een arbeidsovereenkomst heeft bestaan of een overeenkomst van opdracht. De acquisitrice verrichtte werkzaamheden voor het "Moeders voor Moeders"-programma van 1980 tot 1998 en vorderde in eerste aanleg dat dit als arbeidsovereenkomst werd erkend. Diosynth stelde dat het een overeenkomst van opdracht betrof.
De kantonrechter en rechtbank oordeelden dat sprake was van een arbeidsovereenkomst. Diosynth stelde in hoger beroep dat zij bewijs wilde leveren over de gezamenlijke bedoeling van partijen bij het sluiten van de overeenkomst, namelijk dat geen arbeidsovereenkomst, maar een overeenkomst van opdracht werd beoogd. Dit bewijsaanbod werd door de rechtbank echter gepasseerd zonder voldoende motivering.
De Hoge Raad oordeelt dat het bewijsaanbod relevant en toelaatbaar was en dat de rechtbank ten onrechte daaraan voorbij is gegaan. De zaak wordt vernietigd en verwezen naar het hof voor nader feitenonderzoek, waarbij de bedoeling van partijen bij het sluiten van de overeenkomst centraal staat.
Uitkomst: Het bestreden vonnis wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het hof voor nader feitenonderzoek.