ECLI:NL:PHR:2004:AO8913
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toetsing provinciale vrijstelling Flora- en faunawet aan Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn
De Stichting De Faunabescherming vorderde in kort geding dat de Provincie Fryslân haar verordening tot schadebestrijding dieren intrekt, omdat deze in strijd zou zijn met de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. De verordening stond het doden en verontrusten van bepaalde beschermde vogelsoorten toe zonder voldoende beperking in tijd, plaats en omstandigheden.
De voorzieningenrechter en het hof wezen de vorderingen af, waarbij het hof oordeelde dat de rechter geen bevel kan geven tot intrekking van een provinciale verordening, ook niet indien deze in strijd is met Europese richtlijnen. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en stelt dat de toetsing aan de voorwaarden van de Vogelrichtlijn en de Flora- en faunawet plaatsvindt bij de totstandkoming van de vrijstelling door de provincie.
De Hoge Raad benadrukt dat een algemene en permanente vrijstelling niet is toegestaan, maar dat een richtlijnconforme uitleg van de verordening mogelijk is waarbij de vrijstelling beperkt wordt tot het voorkomen van belangrijke schade. De rechter kan niet op grond van individuele gevallen toetsen of alternatieven bestaan of dat de gunstige staat van instandhouding wordt geschaad. De zaak wordt verworpen, waarbij het belang van politieke afwegingen en de rol van de rechter in acht worden genomen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de rechter kan geen bevel tot intrekking van de provinciale verordening geven.