ECLI:NL:PHR:2003:AN7841
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aansprakelijkheid voor brandstichting door vennoot in verzekeringszaak
In deze civiele procedure vorderen eiser en eiseres betaling van een verzekeringsuitkering na brand in hun videotheek. De verzekeraar Univé weigert uit te keren omdat zij stelt dat de brand door eiser 1 is aangestoken. De strafrechter sprak eiser 1 vrij, maar de civiele rechter oordeelde anders en wees de vordering af.
Het hof vernietigde eerdere vonnissen en oordeelde dat de bewijslast voor merkelijke schuld bij de verzekeraar ligt, maar dat op grond van de concrete omstandigheden voorshands kan worden aangenomen dat eiser 1 de brand heeft gesticht. Daarbij geldt merkelijke schuld van een vennoot als merkelijke schuld van de vennootschap.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep af. De vrijspraak in de strafzaak staat een ander oordeel in civiele procedure niet in de weg. Het hof heeft zijn oordeel uitvoerig en overtuigend gemotiveerd. De vordering tot uitkering wordt afgewezen omdat de verzekeraar heeft bewezen dat de brandstichting door eiser 1 is gepleegd.
Uitkomst: De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt dat de verzekeraar niet tot uitkering is gehouden wegens brandstichting door een vennoot.