ECLI:NL:PHR:2001:AB0516
Parket bij de Hoge Raad
- mr Wattel
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over tijdsevenredige verlaging van premiemaximum bij emigratie en premieplicht
De zaak betreft de vraag of de Nederlandse wetgeving die geen tijdsevenredige verlaging van het premie-jaarmaximum toepast bij premieplicht gedurende slechts een deel van het jaar, in strijd is met artikel 48 (thans 39) EG-Verdrag inzake vrij werknemersverkeer.
Belanghebbende werkte en woonde tot 1 juli 1994 in Nederland en was premieplichtig voor de Nederlandse volksverzekeringen. Na emigratie naar het Verenigd Koninkrijk bleef zij voor dezelfde werkgever werken en werd zij daar sociaal verzekerd. De Nederlandse premieheffing hield geen rekening met de periode van premieplicht in Nederland, waardoor zij meer premie betaalde dan wanneer het premiemaximum tijdsevenredig was verlaagd.
De Hoge Raad bevestigt dat de Nederlandse wetgever een heffingssystematiek heeft gekozen die geen tijdsevenredige verlaging van het premiemaximum kent, met het oog op vereenvoudiging en doorzichtigheid van belasting- en premieheffing. Dit systeem leidt tot een hogere premieheffing voor werknemers die in de loop van het jaar emigreren, maar dit is niet in strijd met het EG-Verdrag zolang er geen sprake is van dubbele premieheffing binnen één jurisdictie.
Het arrest verwijst naar het arrest Terhoeve van het Hof van Justitie van de EG, waarin werd geoordeeld dat een hogere premieheffing voor werknemers die hun woonplaats verleggen binnen de EU niet gerechtvaardigd kan worden door administratieve vereenvoudiging of compensatie via andere belastingvoordelen. De Hoge Raad concludeert dat hoewel de Nederlandse regeling leidt tot een hogere gezamenlijke premieheffing over twee jurisdicties, dit niet valt onder het verbod van artikel 48 EG Pro-Verdrag omdat het niet om dubbele premieheffing binnen één jurisdictie gaat.
De conclusie is dat Nederland geen tijdsevenredige verlaging van het premiemaximum hoeft toe te passen bij emigratie, maar dat dit leidt tot een belemmering van het vrije werknemersverkeer die niet gerechtvaardigd hoeft te worden. De zaak wordt terugverwezen voor vermindering van de aanslag met het verschil tussen het volledige en het tijdsevenredige premiemaximum.
Uitkomst: De Hoge Raad oordeelt dat het ontbreken van tijdsevenredige verlaging van het premiemaximum bij emigratie niet in strijd is met het EG-Verdrag.