Uitspraak
1.PROCESVERLOOP
2.OVERWEGINGEN
3.PROCESKOSTEN EN GRIFFIERECHT
4.DE BESLISSING
twee maandenna de verzenddatum hoger beroep instellen bij:
Gerecht in eerste aanleg van Curaçao
Belanghebbende kreeg op 4 september 2020 aanslagen inkomstenbelasting en premies opgelegd voor het jaar 2012. Na bezwaar en het instellen van beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraken op bezwaar, vernietigde de Inspecteur de aanslagen op 24 mei 2022, waarmee aan de bezwaren werd tegemoetgekomen.
Omdat het beroep daardoor geen gunstiger resultaat kan opleveren, verklaarde het Gerecht het beroep niet-ontvankelijk. Het Gerecht oordeelde dat de Inspecteur de aanslagen buiten de wettelijke termijn van vijf jaar en tegen beter weten in had opgelegd, wat ernstige onzorgvuldigheid opleverde.
Hierdoor werd de Inspecteur veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van belanghebbende, vastgesteld op NAf 1.845, inclusief griffierecht. De Inspecteur had het bedrag van NAf 1.745 aan integrale proceskosten niet weersproken, waarop het Gerecht dat bedrag als uitgangspunt nam.
De uitspraak werd gegeven door rechter M.M. de Werd op 10 juni 2022 te Willemstad. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het Gemeenschappelijk Hof van Justitie.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en de Inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.