Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2025:1155

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 juli 2025
Publicatiedatum
17 juli 2025
Zaaknummer
24/03074
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:166 BWArt. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep in groepsaansprakelijkheid vennootschap

In deze zaak stond de vraag centraal of Techfront c.s. aansprakelijk kon worden gehouden voor onrechtmatige daad op grond van groepsaansprakelijkheid zoals bedoeld in artikel 6:166 BW Pro. De procedure begon bij de rechtbank Midden-Nederland met meerdere vonnissen tussen 2020 en 2022, waarna het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in 2023 en 2024 arresten heeft gewezen. Techfront c.s. stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof van 7 mei 2024, terwijl Group A voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep instelde.

De Hoge Raad heeft de klachten van Techfront c.s. beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad motiveert dit oordeel niet inhoudelijk omdat de klachten niet relevant zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro. Het voorwaardelijke incidentele beroep van Group A behoeft daardoor geen behandeling.

De Hoge Raad verwerpt het principale cassatieberoep en veroordeelt Techfront c.s. in de kosten van het geding, begroot op €8.206 aan verschotten en €2.200 aan salaris, vermeerderd met wettelijke rente bij niet-tijdige betaling. Het arrest is gewezen door de raadsheren Tanja-van den Broek (voorzitter), ter Heide en Salomons, en in het openbaar uitgesproken door ter Heide op 18 juli 2025.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Techfront c.s. wordt verworpen en zij worden veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer24/03074
Datum18 juli 2025
ARREST
In de zaak van
1. TECHFRONT VENTURES B.V.,
gevestigd te Veenendaal,
2. B.V. BOUWMAATSCHAPPIJ "WATERGRAAFSMEER",
gevestigd te Amsterdam,
3. N.V. "DE DUCKENBURG",
gevestigd te Amsterdam,
EISERESSEN tot cassatie, verweersters in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna gezamenlijk: Techfront c.s.,
advocaat: J.H.M. van Swaaij,
tegen
GROUP A N.V.,
gevestigd te Hasselt, België,
VERWEERSTER in cassatie, eiseres in het voorwaardelijke incidentele cassatieberoep,
hierna: Group A,
advocaat: N.E. Groeneveld-Tijssens.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/16/498773/ HL ZA 20-75 van de rechtbank Midden-Nederland van 13 mei 2020, 26 augustus 2020, 14 april 2021 (rolbeslissing) en 25 mei 2022, en de beslissing op het art. 31 Rv Pro-verzoek van 13 juli 2022;
b. de arresten in de zaak 200.316.553/01 van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 26 september 2023 en 7 mei 2024, en de beslissing op het art. 32 Rv Pro-verzoek van 16 juli 2024.
Techfront c.s. hebben tegen het arrest van het hof van 7 mei 2024 beroep in cassatie ingesteld.
Group A heeft voorwaardelijk incidenteel cassatieberoep ingesteld.
Partijen hebben over en weer geconcludeerd tot verwerping van het beroep.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten, en voor Techfront c.s. mede door R.J. ter Rele.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.F. Assink strekt tot verwerping van het principale cassatieberoep.
De advocaat van Techfront c.s. heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel in het principale beroep

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).
Het incidentele beroep, dat is ingesteld onder de voorwaarde dat het middel in het principale beroep tot vernietiging van het arrest van het hof leidt, behoeft gelet op hetgeen hiervoor is overwogen geen behandeling.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het principale beroep;
- veroordeelt Techfront c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Group A begroot op € 8.206,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Techfront c.s. deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
18 juli 2025.