ECLI:NL:HR:2024:1540

Hoge Raad

Datum uitspraak
25 oktober 2024
Publicatiedatum
24 oktober 2024
Zaaknummer
24/00803
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 RO
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep over opzegtermijn en uitleg CAO

In deze zaak heeft verzoeker cassatie ingesteld tegen een beschikking van het gerechtshof Den Haag van 12 december 2023, waarin een geschil over de uitleg van de CAO en de toepasselijke opzegtermijn centraal stond.

Verzoeker betoogde dat het hof de CAO onjuist had uitgelegd, hetgeen gevolgen zou hebben voor de opzegtermijn in zijn arbeidsrelatie met HGO. HGO heeft geen verweerschrift ingediend in cassatie. De Advocaat-Generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad heeft de klachten van verzoeker beoordeeld, maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking van het hof. De Hoge Raad achtte het niet nodig om de motivering te geven, omdat de beoordeling niet van belang is voor de rechtsontwikkeling of rechtsvorming.

De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en verzoeker veroordeeld in de kosten van het geding, die nihil zijn vastgesteld. De beschikking is uitgesproken door de raadsheren in aanwezigheid van de vicepresident als voorzitter.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen zonder nadere motivering.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer24/00803
Datum25 oktober 2024
BESCHIKKING
In de zaak van
[verzoeker],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: [verzoeker],
advocaat: S.F. Sagel,
tegen
HOLLAND GEBOUW ONDERHOUDSGROEP B.V.,
gevestigd te Berkel en Rodenrijs, gemeente Lansingerland,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: HGO,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de beschikking in de zaak 9957571 VZ VERZ 22-8689 van de rechtbank Rotterdam van 13 oktober 2022;
b. de beschikking in de zaak 200.320.463/01 van het gerechtshof Den Haag van 12 december 2023.
[verzoeker] heeft tegen de beschikking van het hof beroep in cassatie ingesteld.
HGO heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [verzoeker] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [verzoeker] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van HGO begroot op nihil.
Deze beschikking is gegeven door de vicepresident M.J. Kroeze als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek en G.C. Makkink, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
25 oktober 2024.