ECLI:NL:HR:2023:56
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-digitaal indienen
In deze zaak betrof het een beroep in cassatie tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het beroepschrift was ingediend door een beroepsmatig optredende rechtsbijstandverlener, die volgens het Besluit van 6 maart 2019 verplicht is digitaal te procederen via het webportaal van de Hoge Raad.
De griffier van de Hoge Raad heeft de indiener bij brief van 11 oktober 2022 verzocht het beroepschrift alsnog digitaal in te dienen binnen zes weken. Deze brief is aangetekend verzonden en afgeleverd, maar de indiener heeft geen gehoor gegeven aan dit verzoek.
De Hoge Raad heeft daarom het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 8:36a, lid 5, Awb. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd. Het arrest is uitgesproken op 20 januari 2023 door de vice-president en twee raadsheren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-digitale indiening.