Uitspraak
1.Procesverloop
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel in het incidentele beroep
4.Beoordeling van het middel in het principale beroep
5.Beslissing
24 maart 2023.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
HeidelbergCement Central Europe East Holding B.V. (HCCEEH) en Alpha Investgroup Corporation sloten in 2006 een koopovereenkomst waarbij HCCEEH aandelen van Alpha kocht voor USD 51,8 miljoen, te betalen in acht termijnen. Er ontstond een geschil over de laatste vijf termijnen en de geldigheid van een settlement agreement. Alpha startte in 2013 een arbitrageprocedure bij het Nederlands Arbitrage Instituut (NAI).
Het scheidsgerecht wees in augustus 2017 een arbitrale uitspraak toe waarbij HCCEEH de resterende termijnen moest betalen met 5% rente per jaar. Alpha verzocht later om correctie van het vonnis en een renteverhoging naar 10,5%, wat door het scheidsgerecht werd toegewezen in een herstelvonnis. HCCEEH vorderde daarop gedeeltelijke vernietiging van het arbitraal vonnis, omdat de renteverhoging niet was toegestaan volgens het NAI-reglement en het beginsel van hoor en wederhoor was geschonden.
De rechtbank wees de vordering toe, maar het hof vernietigde dit gedeeltelijk en oordeelde dat gedeeltelijke vernietiging van het rentepercentage niet mogelijk was. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank. De Hoge Raad oordeelt dat het toekennen van een hoger rentepercentage dan oorspronkelijk toegekend onrechtmatig is en dat gedeeltelijke vernietiging van het arbitraal vonnis mogelijk is wanneer de rentevoet niet onverbrekelijk samenhangt met andere beslissingen. Alpha wordt veroordeeld in de kosten van het cassatieproces.
Uitkomst: Het arbitrale vonnis wordt gedeeltelijk vernietigd voor zover een rentepercentage hoger dan 5% is toegekend; het vonnis van de rechtbank Amsterdam wordt bekrachtigd.