ECLI:NL:HR:2022:26
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart cassatieberoep niet-ontvankelijk in belastingzaak over navorderingsaanslag 2009
Belanghebbende stelde zich in hoger beroep tevergeefs op het standpunt dat de navorderingsaanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over het jaar 2009 onterecht was opgelegd. Het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden bevestigde de uitspraak van de Rechtbank Noord-Nederland die de aanslag en de beschikking inzake heffingsrente had gehandhaafd.
Belanghebbende wendde zich vervolgens tot de Hoge Raad met een cassatieberoep. De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van dit beroep getoetst en geoordeeld dat het beroep duidelijk niet kan slagen. Op basis van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft de Hoge Raad het beroep zonder verdere inhoudelijke motivering niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad zag geen aanleiding om proceskosten aan belanghebbende op te leggen. Het arrest werd uitgesproken door de vice-president en twee raadsheren in aanwezigheid van de waarnemend griffier op 14 januari 2022.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.