ECLI:NL:HR:2022:171
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake naheffingsaanslagen loonheffingen
Belanghebbende, een B.V., stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Den Haag over naheffingsaanslagen loonheffingen, boetes en belastingrente over de jaren 2012 tot en met 2014.
De Hoge Raad heeft de ingebrachte middelen beoordeeld en geoordeeld dat deze niet tot vernietiging van het hofarrest leiden. Daarbij hoefde de Hoge Raad geen inhoudelijke motivering te geven omdat de kwesties niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
Belanghebbende klaagde tevens over de hoogte van het geheven griffierecht, stellende dat samenhangende besluiten ten onrechte afzonderlijk werden belast en dat haar beroep op betalingsonmacht ten onrechte werd afgewezen. De Hoge Raad verwierp deze klachten omdat de aanslagen niet als samenhangende besluiten konden worden aangemerkt en belanghebbende onvoldoende bewijs leverde van betalingsonmacht.
De Hoge Raad zag geen reden voor restitutie van griffierecht of veroordeling in proceskosten en verklaarde het cassatieberoep ongegrond.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en wijst restitutie van griffierecht af.