ECLI:NL:HR:2022:1378
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitleg AOW: Nederland is alleen het Europese deel
Belanghebbende, geboren in 1952, woonde vanaf 13 juli 2018 in het Europese deel van Nederland en daarvoor op Bonaire. Zij vroeg op 13 december 2018 een ouderdomspensioen aan op grond van de AOW, maar de Sociale Verzekeringsbank (SVB) wees dit af omdat zij niet verzekerd was tijdens haar verblijf op Bonaire, aangezien zij minder dan een jaar in het Europese deel van Nederland woonde bij het bereiken van de AOW-leeftijd.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde dat onder Nederland in artikel 6 lid 1 van Pro de AOW het Europese deel van Nederland wordt verstaan en dat belanghebbende daarom niet verzekerd was in de periode van 2010 tot 2018. Belanghebbende stelde in cassatie dat Bonaire sinds 2010 onderdeel is van Nederland en dat artikel 2 van Pro de AOW geen onderscheid maakt tussen Europees en Caribisch Nederland.
De Hoge Raad oordeelde dat op grond van artikel 4 van Pro de Invoeringswet BES, waarin wordt bepaald dat bij onderscheid tussen Nederland en andere landen van het Koninkrijk onder Nederland het Europese deel wordt verstaan, de AOW aldus moet worden uitgelegd dat Nederland alleen het Europese deel omvat. De klacht van belanghebbende faalt en het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard.
De Hoge Raad zag geen aanleiding voor proceskostenvergoeding en sprak het arrest uit op 7 oktober 2022.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard; Nederland in de AOW omvat alleen het Europese deel.