ECLI:NL:HR:2021:703
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt dubbele heffing griffierecht bij hoger beroep in bestuursrechtelijke parkeerbelastingzaak
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam over een naheffingsaanslag parkeerbelasting opgelegd door het dagelijks bestuur van Cocensus. Het geschil betrof de vraag of het griffierecht voor het hoger beroep terecht tweemaal was geheven.
De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank in één geschrift uitspraak had gedaan, wat volgens artikel 8:109 Awb Pro betekent dat sprake is van één uitspraak. Hierdoor was slechts eenmaal griffierecht verschuldigd. Het hof had ten onrechte tweemaal griffierecht geheven en dit bedrag ook ontvangen.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof voor zover het de dubbele heffing betrof, stelde vast dat belanghebbende slechts € 128 griffierecht verschuldigd was en beval vergoeding van het reeds betaalde griffierecht in cassatie. De Hoge Raad wees tevens op het belang van het tijdig aan de juiste instantie kenbaar maken van klachten over griffierechten.
De Hoge Raad zag geen aanleiding tot veroordeling in proceskosten, omdat de kosten voor rechtsbijstand in cassatie niet als redelijk noodzakelijk werden beschouwd gezien het feit dat het probleem niet eerder bij het hof was aangekaart.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de dubbele heffing van griffierecht en bepaalt dat slechts eenmaal griffierecht van € 128 verschuldigd is.