ECLI:NL:HR:2021:361
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in belastingzaak
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag in een belastingzaak. De Hoge Raad beoordeelt of het beroep in cassatie ontvankelijk is. Volgens artikel 78, lid 4, van de Wet op de rechterlijke organisatie kan de Hoge Raad alleen kennisnemen van cassatieberoepen tegen bestuursrechterlijke uitspraken indien dit bij wet is toegestaan.
In deze zaak is geen wettelijke bepaling die cassatie openstelt tegen de bestreden uitspraak van de rechtbank. Daarom verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen.
Het arrest is gewezen door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, en is op 12 maart 2021 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van wettelijke grondslag.