Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2021:148

Hoge Raad

Datum uitspraak
29 januari 2021
Publicatiedatum
28 januari 2021
Zaaknummer
19/04319
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROWet op de rechterlijke organisatie
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep tegen arbitraal appelvonnis in civiele zaak

Strukton Bouw B.V. stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het gerechtshof Amsterdam in een civiele procedure tegen ING Vastgoed Ontwikkeling B.V. Het geschil betrof onder meer de vraag of het arbitraal appelvonnis in strijd was met de openbare orde, of er sprake was van schending van de opdracht, en of het hoor en wederhoor was geschonden.

De Hoge Raad heeft de klachten van Strukton beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad wees het beroep af en veroordeelde Strukton in de proceskosten van het cassatiegeding, die aan de zijde van ING zijn begroot op een bedrag van €3.082,34, vermeerderd met wettelijke rente indien niet tijdig betaald.

Het arrest werd gewezen door de president G. de Groot, vicepresident C.A. Streefkerk en raadsheren M.J. Kroeze, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer M.J. Kroeze op 29 januari 2021.

Uitkomst: Het cassatieberoep van Strukton wordt verworpen en het hofarrest wordt bekrachtigd.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer19/04319
Datum29 januari 2021
ARREST
In de zaak van
STRUKTON BOUW. B.V.,
gevestigd te Utrecht,
EISERES tot cassatie,
hierna: Strukton,
advocaat: M.W. Scheltema,
tegen
ING VASTGOED ONTWIKKELING B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: ING,
advocaten: B.T.M. van der Wiel en R.R. Verkerk.
1. Procesverloop
Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
de vonnissen in de zaak C/13/611974 / HA ZA 16-703 van de rechtbank Amsterdam van 14 september 2016 en 30 augustus 2017;
het arrest in de zaak 200.227.313/01 van het gerechtshof Amsterdam van 25 juni 2019.
Strukton heeft tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
ING heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de plaatsvervangend Procureur-Generaal strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van Strukton heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
  • verwerpt het beroep;
  • veroordeelt Strukton in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van ING begroot op € 882,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien Strukton deze niet binnen veertien dagen na heden heeft voldaan.
Dit arrest is gewezen door de president G. de Groot als voorzitter, de vicepresident C.A. Streefkerk en de raadsheren M.J. Kroeze, H.M. Wattendorff en F.J.P. Lock, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op
29 januari 2021.