ECLI:NL:HR:2020:1839

Hoge Raad

Datum uitspraak
20 november 2020
Publicatiedatum
19 november 2020
Zaaknummer
19/02455
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelarrest correctie samenstelling Hoge Raad in civiele zaak

In deze zaak heeft de Hoge Raad op 6 november 2020 een arrest uitgesproken waarbij per abuis niet de juiste samenstelling van de kamer werd vermeld. De oorspronkelijke vermelding noemde drie raadsheren, terwijl de juiste samenstelling bestond uit de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en vier raadsheren, waaronder T.H. Tanja-van den Broek en C.H. Sieburgh.

De Hoge Raad heeft deze fout geconstateerd en op grond van artikel 31 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering besloten tot herstel van het arrest. Partijen zijn hierover geïnformeerd en hebben geen bezwaar gemaakt tegen de voorgestelde correctie.

Het herstelarrest van 20 november 2020 corrigeert de slotalinea van het eerdere arrest en bevestigt de juiste samenstelling van de kamer. Hiermee wordt de formele juistheid van het arrest hersteld zonder inhoudelijke wijziging van de uitspraak.

Uitkomst: De Hoge Raad corrigeert de vermelding van de samenstelling van de kamer in het arrest van 6 november 2020 zonder inhoudelijke wijziging.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer19/02455
Datum20 november 2020
HERSTELARREST
In de zaak van
[eiser],
wonende te [woonplaats],
EISER tot cassatie,
hierna: [eiser],
advocaat: H.J.W. Alt,
tegen
ACHMEA SCHADEVERZEKERINGEN N.V.,
gevestigd te Apeldoorn,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: Achmea,
advocaat: B.T.M. van der Wiel.

1.Het arrest in dit geding

1.1
De Hoge Raad heeft in deze zaak op 6 november 2020 een arrest uitgesproken (ECLI:NL:HR:2020:1736). Onder het arrest is vermeld dat het is gewezen door “de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, als voorzitter, M.J. Kroeze en H.M. Wattendorff”. Dat berust op een vergissing, aangezien het arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff. De Hoge Raad zal deze fout, die zich leent voor eenvoudig herstel, op de voet van art. 31 Rv Pro verbeteren.
Bij brief van 12 november 2020 zijn partijen in de gelegenheid gesteld zich over de voorgenomen verbetering uit te laten. Zij hebben laten weten daartegen geen bezwaar te hebben.
1.2
De slotalinea van het arrest dient als volgt te worden gelezen:
“Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op
6 november 2020.”

2.Beslissing

De Hoge Raad:
- verbetert de slotalinea van het op 6 november 2020 in deze zaak uitgesproken arrest op de wijze als hiervoor in 1.2 vermeld;
- stelt de verbetering op de minuut van dat arrest.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren T.H. Tanja-van den Broek, M.J. Kroeze, C.H. Sieburgh en H.M. Wattendorff, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer M.J. Kroeze op
20 november 2020.