Uitspraak
wonende te [woonplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
gevestigd te Amsterdam,
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
12 juni 2020.
Hoge Raad
In deze zaak gaat het om de uitleg van een erfdienstbaarheid van weg die gevestigd is ten behoeve van een perceel zonder eigen toegang tot de openbare weg. Eisers zijn eigenaar van het perceel dat dient als dienend erf, terwijl verweerster eigenaar is van het heersend erf en een aangrenzend perceel met dezelfde eigenaar.
De erfdienstbaarheid is gevestigd in 2005 en geeft het recht om over een strook te gaan van en naar de openbare weg met verschillende vervoermiddelen. Door verwijdering van een schutting tussen twee percelen is de verkeerssituatie veranderd, waardoor een perceel nu via een ander perceel bereikbaar is.
Eisers vorderen opheffing of wijziging van de erfdienstbaarheid, dan wel beperking van het gebruik tot verkeer met eindbestemming het heersend erf. De rechtbank en het hof wijzen deze vorderingen af. Het hof oordeelt dat de erfdienstbaarheid mede het recht omvat om de weg te gebruiken als verbinding via het heersend erf met het andere perceel dat dezelfde eigenaar heeft.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof omdat het hof onvoldoende heeft vastgesteld dat de erfdienstbaarheid het recht omvat om de weg als verbinding te gebruiken met het andere perceel. De zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor verdere behandeling. Verweerster wordt veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voor verdere behandeling.