Uitspraak
gevestigd te Wassenaar,
zetelende te Den Haag,
2.Uitgangspunten en feiten
3.Beoordeling van het middel
Vrijheid van vereniging (art. 11 EVRM Pro)
4.Beslissing
6 december 2019.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
Deze zaak betreft het beroep in cassatie van de Orde van Registeradviseurs Nederland (OvRAN) tegen de Staat der Nederlanden over de verplichte inschrijving bij de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA). OvRAN betoogde dat deze verplichting in strijd is met de negatieve vrijheid van vereniging zoals beschermd door artikel 11 EVRM Pro.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de NBA geen vereniging is in de zin van artikel 11 EVRM Pro, maar een publiekrechtelijk lichaam met administratieve, regulerende en tuchtrechtelijke taken, ingebed in de staatsstructuur en gericht op het algemeen belang. Het hof bevestigde dat het lidmaatschap verplicht kan worden gesteld zonder strijd met de negatieve verenigingsvrijheid.
De Hoge Raad volgde dit oordeel en verwierp de cassatieklachten van OvRAN, waaronder dat het hof onvoldoende had gemotiveerd en dat de NBA privaatrechtelijke kenmerken zou hebben. Ook de klacht over het niet beslissen op een verzoek tot verlenging van spreektijd werd afgewezen omdat de advocaat niet tijdig had aangedrongen op een beslissing.
De Hoge Raad veroordeelde OvRAN tot betaling van de proceskosten en bevestigde daarmee de rechtmatigheid van de verplichte inschrijving bij NBA en de daarmee samenhangende wettelijke regeling.
Uitkomst: Het cassatieberoep van OvRAN wordt verworpen en de verplichte inschrijving bij NBA blijft gehandhaafd.