ECLI:NL:HR:2019:1728
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Aanvullend arrest Hoge Raad over verzoek tot herziening belastingnavorderingsaanslag 2013
In deze zaak heeft belanghebbende verzocht om herziening van het arrest van de Hoge Raad van 7 juni 2019, waarin een navorderingsaanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over 2013 was behandeld. De Hoge Raad heeft het verzoek beoordeeld en geoordeeld dat het verzoek niet als herzieningsverzoek kan worden aangemerkt omdat het niet voldoet aan de vereisten van artikel 8:119, lid 1, Awb.
Daarnaast heeft de Hoge Raad erkend dat in het arrest van 7 juni 2019 niet was ingegaan op het derde middel van belanghebbende. De Hoge Raad heeft daarom besloten het arrest aan te vullen met een oordeel over dit derde middel, waarbij het middel niet tot cassatie kan leiden omdat het geen rechtsvragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling oproept.
De Hoge Raad heeft hiermee het eerdere arrest van 7 juni 2019 aangevuld en bepaald dat hiervan aantekening wordt gemaakt. Het arrest is uitgesproken door de raadsheren Fierstra, Wortel en Beukers-van Dooren op 15 november 2019.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van het arrest wordt afgewezen en het eerdere arrest wordt aangevuld met een oordeel over het derde middel.